Dyslexie

No fun

Dyslexiezorg vergoed door de gemeente

Bestaat bij uw kind het vermoeden van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie? Hieronder leest u welke stappen u samen met school kunt zetten voor het ingaan van een diagnostiektraject met eventueel behandeling aansluitend.

Eerste signalering dyslexie

Een kind met dyslexie heeft (ernstige) problemen met lezen en/ of spellen. Over het algemeen vindt de eerste signalering van dyslexie plaats op de basisschool. Bestaat het vermoeden dat uw kind dyslexie heeft, dan zal de school uw kind hierop begeleiden. Blijkt na verschillende onderzoeken uit de testgegevens met een tijdspanne van anderhalf jaar dat er mogelijk sprake is van enkelvoudige ernstige dyslexie? Dan kan via het CJG een beschikking worden aangevraagd voor onderzoek naar EED met indien nodig aansluitend behandeling.

Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED)

EED is ernstige dyslexie zonder bijkomende stoornissen, problemen of beperkingen die de behandeling in de weg staan.

Om EED vast te kunnen stellen is het belangrijk dat de school de benodigde stappen uit het protocol Dyslexie heeft gevolgd. Er wordt onder anderen naar de CITO-scores gekeken op lezen en/ of spelling. De hardnekkigheid van het lees en/ of spelprobleem moet worden aangetoond door een jaar intensieve begeleiding te bieden op zorgniveau 2 en 3. Ook is van belang dat eventuele alternatieve verklaringen voor de lees- en/ of spellingsproblemen zijn uitgesloten (bijvoorbeeld ADHD, een algehele ontwikkelingsachterstand of gedragsproblemen). Tenslotte moet duidelijk zijn of er in het gezin voldoende draagkracht is om een eventueel behandeltraject in te willen gaan en is gekeken of dyslexie in de familie zit. Om te zien welke stappen nodig zijn om in aanmerking te komen voor de vergoedingsregeling kunt u kijken op de volgende website:http://masterplandyslexie.nl/public/files/documenten/Toelichting_vergoedingsregeling_definitieve_versie_voor_website_nov15.pdf

Wanneer komt u in aanmerking voor vergoeding vanuit de gemeente en wat is hiervoor nodig?

Mocht er voldoende reden zijn om een diagnostiektraject (en vervolgens, indien EED is vastgesteld een behandeltraject) in te gaan dan wordt er een beschikking afgegeven hiervoor. Ouders kiezen een zorgaanbieder die gekwalificeerd is volgens het Kwaliteitsinstituut Dyslexie en gecontracteerd is in de Regio Foodvalley. Er zijn veel instanties die de diagnose kunnen stellen en kunnen behandelen.

Alleen kinderen woonachtig in de gemeente Rhenen die op de basisschool zitten en minimaal 7 en maximaal 12 jaar oud zijn komen in aanmerking voor een vergoeding. Het leerlingdossier dyslexie is belangrijk voor de vergoeding van diagnose en behandeling van EED. Dit wordt door u als ouders/verzorgers of door de school aangeleverd bij het CJG. Het CJG beoordeelt of het kind in aanmerking komt voor vergoede zorg. Zie de toelichting voor een vergoedingsregeling hierboven. 

Download hier het aanmeldformulier leerlingdossier:

 Leerlingdossier_Dyslexie

Het volledig invullen van een leerlingdossier dyslexie is verplicht om in aanmerking te komen voor een beschikking. Van belang is dat bij een aanvraag de hardnekkigheid van een lees- en spellingsprobleem wordt aangetoond. Dit kan onderbouwd worden met:

  • Basisgegeven uit het leerlingvolgsysteem (3 toets momenten afgenomen op de hoofdmetingen, jan, feb en mei, juni).
  • Beschrijving van het lees- en spellingsprobleem.
  • Argumentatie van het vermoeden van ernstig enkelvoudige dyslexie.
  • Omschrijving van de extra begeleiding (op zorgniveau 2 en op zorgniveau 3*).
  • Evaluatie van de extra begeleiding.
  • Vermelding- en beschrijving van eventuele andere (leer) stoornissen.
  • Achtergrondinformatie over de thuissituatie (draagkracht van hulp biedende ouders) en erfelijkheid.In het leerlingdossier dyslexie is ruimte om bovenstaande gegevens te vermelden. Het kan zijn dat het CJG contact met ouders of school opneemt voor aanvullende informatie.

Wie betaalt de kosten voor nadere diagnostiek en behandeling van EED?

Meer informatie is te vinden op de website www.masterplandyslexie.nl.

Begeleiding op verschillende zorgniveaus (2 en 3)  

Bij leerlingen met onvoldoende lees- en/of spellingprestaties moet het onderwijsaanbod worden geïntensiveerd. Deze leerlingen hebben behoefte aan extra herhaling van de leerstof en soms is het nodig de leerstof in kleinere stapjes aan te bieden. Dit betekent meer instructie, meer leertijd en meer oefentijd, zodat de leerling meer gelegenheid krijgt zich de stof eigen te maken en deze te automatiseren (Foorman & Torgesen, 2001). Slechts herhaling van de (klassikale) instructie aan de instructietafel is niet voldoende. Het gaat om aangepaste instructie in kleinere stappen, extra feedback en gelegenheid tot extra verwerking. Zo wordt voorkomen dat het verschil tussen de zwakke lezers/spellers en de rest van de klas groter wordt. Om leerlingen de gelegenheid te geven om extra te oefenen, maakt de leerkracht bij voorkeur gebruik van aanvullende materialen uit de lees- en spellingmethode. De leerlingen hebben behoefte aan meer oefening van dezelfde stof om zich deze eigen te maken. De materialen uit de methode sluiten direct aan bij de lesstof uit de reguliere les. Eventueel kunnen ook materialen uit andere methodes gebruikt worden, mits deze goed aansluiten bij de methode die voor de hele groep wordt gehanteerd. Het gaat er uitdrukkelijk om dat de leerlingen met meer oefening de moeilijkheden die centraal staan gaan beheersen. Zij hebben meer van hetzelfde nodig om tot een zelfde resultaat te komen. De leerkracht ondersteunt de leerlingen bij het werken met de materialen. Deze vorm van begeleiding, waarbij extra instructie en begeleide inoefening in de klas centraal staan, noemen we aanpak op zorgniveau 2.

Begeleiden op zorgniveau 3

(bron: leesproblemen en dyslexie in het basisonderwijs).

Als het uitbreiden van instructie- en oefentijd niet tot voldoende vooruitgang leidt, is verdere intensivering van het onderwijs noodzakelijk. De begeleidingsvorm, waarbij zeer intensief met een aanvullend lees en/of spellingprogramma wordt gewerkt, noemen we aanpak op zorgniveau 3. Hiervoor komen leerlingen in aanmerking die zeer zwak scoren of na een interventieperiode met extra begeleiding op zorgniveau 2 onvoldoende vooruit zijn gegaan. Deze leerlingen zijn gebaat bij een extra intensieve en systematische aanpak door het inzetten van een specifieke interventie. Leerkracht en leesspecialist stemmen met elkaar af wat de inhoud van de extra begeleiding is en hoe deze hulp systematisch wordt opgebouwd. De interventie is geen vervanging van de gewone lees- of spellingles maar is daarop een extra aanvulling. De leerling volgt dus met zijn klasgenoten ook het onderwijs volgens de reguliere lees-/spellingmethode. De leertijd wordt met minimaal 60 minuten per week uitgebreid. Daarbij kan beter vaak en wat korter geoefend worden dan één keer heel lang. Aanbevolen wordt om minimaal drie keer per week 20 minuten extra instructie- en oefentijd in te plannen. De interventie voor zwakke lezers en spellers kan het beste plaatsvinden in één-op-één situatie of in kleine groepjes van maximaal vier leerlingen (Alexander & Slinger- Constant, 2004; Elbaum, Vaughn, Hughes, & Moody, 2000; National Reading Panel, 2000). 

Op basis van observaties en toetsresultaten bepaalt de leerkracht bij welke vaardigheid of vaardigheden een leerling extra oefening en begeleiding nodig heeft. Naast het vaststellen wat er geoefend moet worden, wordt besloten hoeveel oefening een leerling nodig heeft. Hoe ernstiger het probleem, des te intensiever de extra begeleiding moet zijn om te voorkomen dat leerlingen verder achterop raken.

Als u voldoet aan de voorwaarden dan worden de kosten voor diagnostiek en behandeling vergoed door de gemeente. In andere gevallen moet u de kosten zelf betalen.

 download hier het aanmeldformulier leerlingdossier:

 Leerlingdossier_Dyslexie

Hulp nodig of vragen?